Hulp en ondersteuning (onderwijs aan huis)

De leerkracht die het tijdelijk onderwijs aan huis organiseert, zal in intensief overleg met de klasleerkracht de inhoud van de lesmomenten plannen. Het is immers de bedoeling dat het kind niet achterop geraakt ten opzichte van de klasgroep. Naast de lesmomenten zal er ook huiswerk gepland worden, uiteraard afhankelijk van de draagkracht van het kind.

De zorgvraag is richtinggevend voor de invulling van het permanent onderwijs aan huis. Er zijn verschillende domeinen waarop de leerling kan geholpen worden:

  • sociaal-emotionele ontwikkeling: sociale en relationele vaardigheden, emotionele ontwikkeling, aanvaarden van de motorische beperking, zelfbeeld, …

  • motorische en sensorische ontwikkeling : sensorische organisatie, grove of fijne motoriek, schrijfmotoriek, zelfstandigheid, zelfredzaamheid, hulpmiddelen, …

  • werkhouding en leren leren: taakspanning, kijk- en luisterhouding, denkontwikkeling, logisch redeneren, compenserende software of computergebruik, …

  • schoolse vaardigheden: taalontwikkeling (passieve en actieve woordenschat, mondeling taalgebruik), lezen (leesvoorwaarden, technisch of begrijpend lezen), spelling (schrijfvoorwaarden, technisch schrijven), rekenen (rekenvoorwaarden en –vaardigheden), ruimtelijke oriëntatie, lichaamsbesef

  • dag- en vrijetijdsbesteding

  • gezinsgerichte begeleiding: advies en tips over dagelijks opvoeden en begeleiden van het kind, zelfredzaamheid of zindelijkheid, sociaal-emotionele ondersteuning naar het gezin, gebruik van hulpmiddelen

Voor de gezinsgerichte begeleiding zal -indien nodig- doorverwezen worden naar externe diensten of beroep gedaan worden op de Ambulante dienst of DIATH van Sint-Lodewijk.